aug 15 2020

 

Afgelopen zaterdag doopte de heer Hazewinkel de twee skiffs, Taberna en Leporis. Hij schonk de boten vanuit zijn stichting Tabernaleporis. Een geweldige aanwinst voor de Willem III toproeiers. Helaas konden we het niet met teveel mensen vieren i.v.m. het virus. Hierbij wat beelden van de doop die natuurlijk gepaard ging met haring en korenwijn.

Amici, aas met limonade

📁Sociëteit  No Responses »
aug 12 2020

Bij onze vriendin in Arendal maakten wij ons op voor een tochtje overzee met haar houten sloep. Een extra jerrycan met diesel stond klaar. We zouden overnachten op een eilandje met een lagune en namen dus tenten, kookgerei en eten mee. We zouden gaan vissen om voor de BBQ iets lekkers te hebben en eventueel vissoep te maken boven een houtvuurtje , dus gingen er ook klossen met lijnen en haken mee. Toen we ons eindelijk na een moeizame tocht hadden geïnstalleerd op het eilandje (we hadden met motorpech op hoge golven voor anker liggen rollen, waarbij de kinderen grijs wegtrokken van de zeeziekte) verkenden wij de lagune en ontdekten daar een grote hoeveelheid mosselen en krabben. Even verderop ontdekten we oesters op de rotsachtige bodem, waar we een voor Noren onbegrijpelijk enthousiasme voor toonden. Wat bleek? Noren noemen oesters “aas” en gebruiken ze alleen maar om mee te vissen. Als delicatesse verder onbekend. Vriendin vertelde toen de anekdote van de Noorse zakenman, die in Parijs was voor belangrijke besprekingen. De man kon er niet over uit dat hem tot zijn afgrijzen in het chique hotel, waar hij besprekingen had “aas met limonade” was aangeboden; oesters met champagne.

Noorse vissoep
Ingrediënten:
1 ½ liter water
Visgraten
200 gram ongepelde Noorse garnalen
Enige moten vis en indien ergens verkrijgbaar, Noorse visballetjes*
1 stevige wortel
1 stengel bleekselderij
1 preitje
Paar takjes fijngeknipte dille
Handje diepvriesdoperwten
50 gram roomboter
250 ml slagroom
2 eierdooiers
1 laurierblad
Peper&zout, nootmuskaat
peterselie

Bereiding:
Pel de garnalen en breng de schillen en graten in het water aan de kook met wat zout en laurier erbij. Laat 20 minuten trekken. Zeef de bouillon en laat afkoelen.
Klop d eidooiers los met de slagroom.
Hak de wortel, bleekselderij en prei in kleine blokjes en fruit die even aan in de roomboter.
Doe de bloem nu erbij en roer goed door het botermengsel. Laat eventjes garen.
Doe onder voortdurend roeren de visbouillon erbij en laat goed doorkoken.
Leg nu de vismoten, gepelde garnalen, visballetjes en de doperwtjes in de soep en draai het vuur laag. Als de garnalen roze gekleurd zijn en gaar kan je het ei/roommengsel er door roeren. Nog even warm maken, maar niet laten koken. Maak op smaak af met zout, peper, snufje nootmuskaat en fijngehakte peterselie en dille.

*De visballetjes, Norske fiskeboller, zijn typisch Scandinavisch en hier hoogstens te vinden bij Ikea, maar doe niet moeilijk over het gemis; de soep smaakt toch wel.

Amici, Saloon aan de Vienne

📁Sociëteit  No Responses »
aug 05 2020

Met een vriend had ik tien dagen gefietst in de Loirestreek en wij moesten ons ‘s avonds voor vertrek met de fietsbus naar Nederland weer melden op een beeldschoon pleintje bij het kasteel van Chinon aan de rivier de Vienne. Het pleintje was van het karakteristieke Franse soort met aantrekkelijke eetgelegenheden en sfeervolle terrasjes. Jammer genoeg had de buschauffeur haast om de nachtelijke rit naar Nederland te aanvaarden en hij vond dus ons plan om uitgebreid te gaan eten in een leuk, authentiek restaurantje met uitzicht op het feeëriek verlichte kasteel niet erg handig. Hij beval ons een snelle hap aan bij een “Wild West Saloon”, eveneens op het pleintje. Morrend, maar vol begrip, voegden wij ons. Dan maar de saloon. Tenslotte wachtte ons een reis van twaalf uur. Het interieur van de saloon vormde een schrille tegenstelling tot dat van de overige gelegenheden, om maar nog niet te spreken van het culinair aanbod. Een zeer onfranse, met ruwhouten planken betimmerde “paardenstal” was versierd met zadels, hoofdstellen, lasso’s, namaakrevolvers en Winchester geweren. Tussen een met tl-buizen verlichte snackbarvitrine en een frituur stond een boomlange Franse kruising tussen John Wayne en Johny Halliday in cowboypak. Hij had een zorgvuldig gecultiveerde vetkuif, waar Elvis nog jaloers op zou zijn geweest en die hij bij het frituren tegen andere vetten beschermde met een cowboyhoed. Bij gebrek aan beter lieten wij ons zijn specialiteit aanpraten: een stuk stokbrood ‘met alles erop en eraan’. Het geheel leek op wat later in Nederland verkocht zou worden als “kapsalon”. Op het brood werd een lading frites gedeponeerd, sla, tomaat een hamburger en een worst, gebakken uien en enige plakken ‘cheddar’. Dit alles werd met een royale hoeveelheid ketchup overgoten. We namen plaats aan tafels van namaakwhiskeyvaten. Het verorberen van het ‘broodje’ vereiste een muil als van een nijlpaard, want bestek werd niet meegeleverd. De enig leverbare dranken: Budweiser, Coca Cola en Fanta. Met een plofgevoel namen we plaats in de bus en zagen bij vertrek nog net in de ooghoeken het pittoreske restaurantje, waar we oorspronkelijk wilden eten. Buiten stond een schoolbord. “Truite aux amandes”, lazen we nog net voor we verdwenen in de duisternis. Jammer….! Lees meer »

Amici, de liftboy

📁Sociëteit  No Responses »
jul 30 2020

Perugia met haar Università per Stranieri, waar buitenlanders Italiaans leren en kennismaken met de Italiaanse cultuur, heeft een oud, levendig centrum boven op een heuvel vanwaar je uitkijkt op het wonderschone Umbrië. De buitenwijken liggen aan de voet van die heuvel. Om het niet geringe hoogteverschil van ongeveer honderdvijftig meter tussen het centrum en de rest te overbruggen, had men als onderdeel van het openbaar vervoer een lift in de rotsen aangebracht. Zeker in het spitsuur maakten velen er gebruik van. Voor de bediening van de lift was apart personeel. Een van deze mannen had er een liefhebberij in met alle studenten een levendig gesprek aan te gaan over van alles en nog wat, want zij kwamen per slot van rekening om Italiaans te leren. Het was altijd feest met hem gedurende het korte ritje, waarin we op de hoogte werden gebracht van de rijke Etruskische historie van zijn zeer geliefde stad. Andere keren kregen we tips voor restaurantjes en leuke winkeltjes.
Toen onze cursusmaand er op zat trakteerden wij met een aantal medestudenten deze man op een fles Hennesy cognac als dank voor zijn onderhoudende gesprekken. Enthousiast nodigde hij ons uit in zijn stamkroeg naast de liftingang voor een espresso. Voor de rij stomverbaasde wachtenden sloot hij het hek van de lift af met de mededeling dat die tijdelijk buiten dienst was. Hij hing een bordje aan het hek met dezelfde boodschap en ging met ons doodgemoedereerd koffie in zijn cafe drinken. Voor de wachtenden zat er niets anders op dan een steile trap te nemen voor de honderdvijftig meter lange afdaling. De weg omhoog was nog slopender, wisten wij.
Ik zie een Amsterdamse tramconducteur niet zo gauw zijn tram stilzetten om koffie met je te gaan drinken in zijn stamcafé.

Vanwege de aanhoudende hitte nam ik een granità di caffè en die was zeer verkwikkend.

Granità di caffè
Ingrediënten:
350 ml
sterke, hete espresso
80 g suiker
100 g room
2 cl espresso voor door de room
1 vanillestokje

Bereiden:
Roer 70 g suiker goed door elkaar met 125 ml water. Breng dit aan de kook en laat 1 min. borrelend koken. Voeg de espresso (koffie) toe. Snijd het vanillestokje open in de lengte. Schraap het merg eruit en doe beide in het koffie-siroopmengsel. Laat afkoelen.
Haal het mengsel door een zeef en doe het in een platte metalen schaal. Zet 2 uur in de diepvries. Roer hierbij alle 30 min. eens krachtig door het mengsel met een vork, zodat er geen grote ijskristallen ontstaan. Roer alles op het einde nogmaals krachtig om.
Klop de room half stijf met de resterende suiker en de espresso.
Serveren:
Verdeel de ijskoffie over glazen, doe er een lepel room op.

Amici, de geur van vers brood

📁Sociëteit  No Responses »
jul 22 2020

In San Nicolo di Celle in het hart van Umbrië waren mijn vrouw en ik, terwijl we onderweg waren naar Perugia voor een cursus Italiaans, uitgenodigd door vrienden van kennissen van een vriendin (zo lopen de contacten in Italië) voor een bijzonder feest. De lokale traditie wilde nl. dat vier weken na een bruiloft er weer een feest moest zijn om nog eens na te praten, foto’s uit te wisselen en, in Italië niet onbelangrijk, familie en vrienden weer te ontmoeten bij een lekker hapje en een goed glas. Wij werden gastvrij ontvangen met een heerlijke witte wijn en aan iedereen voorgesteld als vrienden uit Holland. De hongeropwekkende geur van versgebakken brood hing op het dorpspleintje voor de kerk. Her en der waren kleine kinderen, bejaarde- en jonge stelletjes op accordeonmuziek aan het dansen. Fotoalbums van het pasgetrouwde paar gingen van hand tot hand en ontlokten bewonderende kreetjes van alle aanwezigen. Op een zeker moment werden wij de kerk in getroond en daar zagen wij een ploeg mama’s aan grote tafels met kale eikenhouten bladen in woest gevecht met gigantische lappen deeg. Naast de kerkdeur stond een enorme open houtskooloven met daarin een soort molensteen met handvat. De mama’s rolden met buitenformaat rollers een soort pizza’s, cascione, ter grootte van een wagenwiel. De gloeiendhete ‘molensteen’ werd uit de oven gelicht en de cascione werden erop gelegd, aan één zijde gebakken en weer omgekeerd. Als de platte broden klaar waren, werden ze in dampende punten verdeeld, plat doormidden gesneden en ruim belegd met plakken kaas, worst of parmaham. Een waanzinnige delicatesse. We werden rijkelijk getrakteerd, want we kwamen toch helemaal uit Holland en dat maakte ons tot een soort van eregasten (toen nog wel, Wopke!). Deze lekkernij is voor mij nog steeds typerend voor de Italiaanse keuken: simpel, maar met excellente ingrediënten en veel liefde klaargemaakt.
Bij aankomst in Perugia bleek de vriendentamtam ook daar zijn werk te doen; er was door een kennis uit Noord-Italië telefonisch de nodige ondersteuning voor ons geregeld. Waar anderen drie uur wachttijd voor de inschrijving nodig hadden, liepen wij met een ‘bevriende’ ex-docent van de Università per Stranieri zonder blikken of blozen langs de enorme rij zwetende buitenlanders naar de inschrijfbalie (het was buiten 37 graden). De secretaresse werd allerhartelijkst begroet, omhelsd en driemaal gezoend, waarna zij snel onze inschrijving verrichtte. Binnen een kwartier was er een kamer in het centrum voor ons geregeld en de verplichte registratie van buitenlanders bij de politie werd overgeslagen als zijnde een volstrekt onzinnige bureaucratische futiliteit. Zonder kruiwagen kostte deze procedure de gemiddelde deelnemer aan de cursus een hele dag. Dit alles werd besloten met een voorstelrondje (‘vrienden uit Holland’) met espresso bij de rector-magnificus op zijn kamer (een monumentale barokke zaal) en een rondrit met de docent langs de highlights van het stadje in zijn airconditioned Lancia (toen nog iets heel bijzonders). De liefde voor Italië is nooit overgegaan.

Deeg voor cascione
Ingrediënten:
10 gram zout
500 gram pizzabloem tipo 00 (La Tua Farina)
3,5 gram gedroogde gist
3 eetlepels olijfolie
2 eetlepels semola (griesmeel)

Bereidingswijze:
Los het zout op in 265 ml koud water in een kom. Voeg de bloem en de gist toe. Mix 2 min. met een mixer met deeghaken. Voeg in een dun straaltje de olijfolie toe. Kneed nog 4 min. met de mixer of met de hand.
Haal het deeg uit de mengkom. Bol het deeg op door de zijkanten naar onderen te vouwen, het deeg een kwartslag te draaien en die handeling te herhalen. Leg het deeg in een ingevette kom, dek af en zet onder in de koelkast en laat het daar 24 uur rijpen (dit is de grote truuk voor een smakelijk deeg).
Neem het deeg uit de koelkast en laat 30 min. op kamertemperatuur komen. Verdeel in 4 gelijke porties. Bol de deegstukken op volgens de hierboven beschreven methode. Leg ze op een platte schaal of een met bakpapier beklede bakplaat. Laat afgedekt 3 tot 4 uur rijzen op kamertemperatuur, tot het deeg in volume is verdubbeld.
Bestuif het werkblad met wat griesmeel. Neem een bol deeg en vorm er een soort pizza- bodem van, niet te dun als je het zoals boven beschreven met worst en ham vult. Druk daarvoor de bol plat en duw met je vingers tot het een plat brood met een diameter van ca. 20 cm is. Klop het overtollige griesmeel eraf. Bak af op 250 graden onderin de oven en het liefst op een pizzasteen. Onze oventjes halen niet de 400 graden van een pizzaoven. Haal de pizza eruit en laat even uitdampen, snijd open en beleg met goede worst of Parmaham.

jul 21 2020

Na de junioren is het nu ook voor senioren mogelijk om eenmalig een proeflidmaatschap voor een maand aan te gaan. Het kost € 90 voor maximaal 8 lessen Het is bedoeld voor mensen die nog niet of nauwelijks kunnen roeien. Zo kan je proberen of roeien iets voor jou is. Op alle dagen van de week (muv vrijdag) zijn er lessen. Je kan beginnen op 15 juli, 1 augustus of 15 augustus. Opgeven bij Sven Rotteveel Mansveld svenrm@planet.nl. Elke 1e zaterdag van de maand is er een kennismakingsbijeenkomst waar je wordt rondgeleid en alle vragen kan stellen mbt een eventueel (proef) lidmaatschap.

jul 21 2020

Het Trainingscentrum (TC) met ergometers en andere fitness-apparaten is weer open.
Er mogen maximaal tien mensen tegelijk binnen zijn. Je MOET je daarom aanmelden in de spreadsheet die we ook voor het roeien gebruiken. Op dit schema zijn achter de 20 plaatsen voor roeiers 10 plekken voor gebruikers TC toegevoegd. Sommige tijden zijn gereserveerd voor wedstrijdroeiers. Als je je naam invult kan je een half uur trainen. Als je een uur wilt trainen dan vul je je naam twee keer onder elkaar in. Als je daarna gaat roeien moet je je naam ook weer op het roeischema invullen. Andersom kan ook natuurlijk. Zorg voor genoeg afstand (bv 1 ergometer leeg tussen twee gebruikte) en van te voren en na afloop alles ontsmetten van alles waar mogelijk lichaamsvocht op terecht is gekomen.

Amici, Beppe e la Luce

📁Sociëteit  No Responses »
jul 15 2020

In de keuken van het restaurant in Levanto werkte als keukenhulpje ene Beppe. Beppe was er voor alle rotklusjes en voornamelijk voor de afwas, schoonmaak e.d. Nu viel er in de zaak zo ongeveer driemaal per dag het licht uit en dan klonk er vanuit de krochten van de zaak de dwingende stem van de patron: “Beppe, la luce!” (B. het licht!). Beppe droogde zijn handen dan snel af, scharrelde naar een kast ergens in de catacomben onder de keuken, een luide klik volgde en dan deed het licht het weer voor een tijdje. Vraag me niet waarom er niet een structurele oplossing gezocht werd, want alle vries- en koelkasten met kostbare inhoud waren ook op non-actief, alsmede de pizzaoven, die voor het maken van rosbief in zeezoutkorst erg handig was. Als Beppe niet snel genoeg reageerde, riep de patron nog dringender: “Beppe, la luce, presto sul la tue poste!” (snel naar je plek!). De arme ziel slofte dan haastig en onderdanig gebogen als de klokkenluider van de Notre-Dame richting stoppenkast. Ik had erg medelijden met hem: de ploeteraar had ‘s morgens vroeg ook nog een baantje als postbezorger en als hij om een uur of één klaar was repte hij zich naar het restaurant. Na de avonddienst rond elf uur at hij met ons mee, een gunst, die hij kennelijk wel goed kon gebruiken. Onderstaand luxe recept was zijn lievelingseten en het was altijd maar te hopen dat er wat overbleef voor na de avonddienst, want hij likte met zoveel genoegen de saus van zijn lippen bij dit gerecht, dat het aandoenlijk was om hem te zien smullen.

Vitello tonato (5 pers.)
500 gr dungesneden kalfsmuis (kalfsrosbief)
twee handen rucola
4 el grote kappertjes
peterselie
witte peper, versgemalen
Voor de saus:
eidooiers, op kamertemperatuur
sap van een halve citroen
1 el Dijon mosterd
200 ml olijfolie
160 gr tonijn uit blik
1 el kappertjes
ansjovis uit blik, 3 stuks
peper en zout

Bereiding:
Bestrooi het vlees met peper en zout en braad in een casserol lichtbruin in boter, blus af met wat heet water en laat 10 minuten smoren met de deksel op de pan. Rol de muis in zilverfolie en laat 10 minuten rusten. Als het vlees is afgekoeld, kan je het in uiterst dunne plakjes snijden met een goed scherp trancheermes. Als je dit moeilijk vindt, kan je bij een goede slager misschien gesneden kalfsrosbief vragen.
Verdeel de plakjes vlees als een soort carpaccio over het bord. Verdeel lekker veel van de vitello tonnato saus over de kalfsfricandeau.
De saus:
Doe de eidooiers in een beslagkom met een snuf zout, de mosterd en voeg de helft van het citroensap toe. Meng goed met een garde. Blijf nu kloppen en voeg in een dun straaltje de olie toe, zodat je een mooie dikke en egale mayonaise krijgt.Voeg nu de tonijn, kappertjes en ansjovis toe en pak de staafmixer erbij. Mix het geheel tot een dikke saus. Breng op smaak met peper en zout en voeg eventueel nog extra citroensap toe naar smaak. Maak af met de kappers, rucola en peterselie. Beetje verse peper erop en je kunt aan tafel. Serveer op kamertemperatuur.

jul 08 2020

De schoonmoeder van de patron uit Levanto stelde mij voor om het plaatsje bij nacht te laten zien en dan zou de rit eindigen bij een feest boven op een hoge berg bij Monterosso del Mare, die een prachtig uitzicht biedt op de baai bij nacht. Nu had ik wel vaker gemerkt dat Italianen er een ‘sportieve rijstijl’ op na houden, maar met deze dame deed ik het in m’n broek; met gierende banden nam zij de haarspeldbochten omhoog ondertussen ontspannen keuvelend, terwijl ik mij vastklemde aan mijn stoel. Hoe het kwam weet ik niet, maar zij startte een betoog over de politiek in Italië. Wat ze stemde? Nou, gewoon de MSI (Movimento Sociale Italiano) oftewel de neo-fascistische partij. Terwijl ik nog hierop aan het kauwen was, kreeg ik ook nog uit en te na een lofzang te horen op Musssolini; je kon wel kritiek hebben, maar die man had toch veel goeds gedaan voor Italië, het land was toen in ieder geval veel beter georganiseerd dan nu en de treinen reden op tijd. Gelukkig waren we op het dorpspleintje aangekomen waar het feestje was. Stalletjes met hapjes, bier en flessen wijn omzoomden het plein, dat verlicht was met slingers kleurige lampjes. Uit luidsprekers klonk het overbekende Italiaanse repertoire aan accordeonmuziek. De schoonmoeder bleek het hele plein te kennen en schoof, nadat ze zowat iedereen had begroet met knuffels en omhelzingen, met een fles wijn en wat glazen aan aan een lange tafel met kennelijk allemaal vrienden van haar. Natuurlijk moesten die voorgesteld worden aan de “Hollandse kok”. Ik werd snel opgenomen in de algehele vrolijkheid en elke poging van mij om ook enige flessen wijn te doneren werd verontwaardigd weggewimpeld, want ik was de gast. Toen het weer tijd werd om op te stappen, namen we hartroerend afscheid van iedereen. Mijn blik viel toen op het spandoek bij de ingang van het feestterrein: Festa de l’Unità. Het bleek een feestje van de krant van de Communistische Partij van Italië te zijn.
Bij de rit naar beneden heb ik maar mijn ogen dichtgedaan, want het rijgedrag van de Schoonmoeder was na het nuttigen van wat glazen wijn nog wat losser geworden.

Stracotto (rundvleesragù)

Ingrediënten:
1 kg kalfsnek
Olijfolie
2 rode uien
2 tenen knoflook
2 wortels
2 stengels bleekselderij
1 venkelknol
2 takken bos rozemarijn
4 takjes salie
250 ml Chianti
2 el tomatenpuree
1,5 liter vleesbouillon

Bereiding:
Braad het vlees met 2 eetlepels olie in een passende pan op matig laag vuur aan.
Pel de uien en knoflook, schil de wortels, maak de bleekselderij en venkelknol schoon en hak ze vrij grof om een soffritto te maken (soffritto is een fijngesneden groentemengsel dat meegebakken wordt om smaak aan een saus te geven) – laat dit heel langzaam met het vlees stoven.
Roer de groenten door de pan, bind de rozemarijn en salie bij elkaar, leg het bundeltje in de pan en voeg peper en zout toe. Bak het geheel 20-30 minuten onder regelmatig roeren, tot de groenten karamelliseren, en keer het vlees een paar keer om.
Zet het vuur hoog, giet de wijn in de pan, roer de tomatenpuree erdoor en laat de wijn inkoken.
Giet de bouillon erbij, breng aan de kook en dek de stoof af met deksel. Zet het vuur zeer laag en gaar het vlees ongeveer 3 uur onder regelmatig omkeren en bedruipen, tot het supermals is. Voeg naar smaak peper en zout toe.
Schep het vlees op een snijplank, snijd het in dunne plakjes en schep er voldoende van de saus over om het sappig te houden. Hussel de rest van de saus (zo nodig een beetje verder ingekookt) door vers gekookte tagliatelle en rasp vlak voor het serveren wat parmezaan erover. Je kan het vlees apart houden als hoofdgerecht na de pasta met flageoletboontjes in roomboter met wat vers bonenkruid.

Amici, de chique zwerver

📁Sociëteit  No Responses »
jul 01 2020

In Levanto ging ik, als de laatste eters vertrokken waren en het keukenpersoneel had gegeten, met de patron en zijn vrouw vaak wat drinken in een houten strandtent op palen aan de baai van het plaatsje. Daar verzamelden zich vele vrienden, de literflessen wijn gingen rond en als de stemming er goed in zat, trok een in onberispelijk wit pak gestoken heer met panamahoed een gitaar tevoorschijn en begon te spelen en te zingen. We werden onthaald op een Italiaanse potpourri aan volksmuziek en iedereen zong mee. De man was duidelijk zeer populair en als dank kreeg hij van vele enthousiaste gasten wat aangeboden. Tegen sluitingstijd droop iedereen af en de man was ook plotseling op mysterieuze wijze verdwenen. Ik informeerde bij de patron of de man een vriend was van de uitbater van de strandtent, want daar leek het op. Nee, was het antwoord, niemand kende hem verder en het enige wat bekend was, was dat hij elke zomer neerstreek in het plaatsje en dat hij onder de strandtent sliep in een kuil tussen de palen. Na de zomer was hij weer even plotseling verdwenen als hij gekomen was. En altijd onberispelijk strak in het pak. Fare la bella figura, daar gaat het om.
In deze strandtent maakte ik voor het eerst kennis met de limoncello. Een verslavend lekker drankje na het eten. Italianen gebruiken alcohol van 96%, die daar gewoon in de supermarkt te verkrijgen is voor het goddeloze bedrag van 15 euro. Omdat tuttig Nederland deze faciliteit niet verschaft, kan je volstaan met goedkope wodka (Dirck III) wat uiteindelijk niet meer is dan met water verdunde alcohol. Gebruik wel onbespoten citroenen bij voorkeur uit Sorrento of Capri, Amalfi mag ook, maar doe er niet moeilijk over.

Limoncello
1 liter alcohol van 96%
8 forse citroenen
800 gram suiker
1,5 liter water
Of:
1,5 liter wodka
8 forse citroenen
450 gram suiker
300 ml water

Laat de citroenen een uurtje in koud water staan weken. Borstel ze en droog ze af.
Schil de citroenen zo dun mogelijk, alleen het geel kan gebruikt. Het wit van de schil maakt bitter.
Doe de citroenschillen in een weckpot en schenk de alcohol erbij.
Sluit de pot af en zet deze drie weken op een donkere koele plek.
Na deze drie weken breng je in een pannetje suiker en water al roerend aan de kook. Haal de pan van het vuur en laat afkoelen met het deksel erop.
Voeg het afgekoelde suikerwater vervolgens toe aan het mengsel van citroenschillen en alcohol.
Schenk de limoncello in gesteriliseerde flessen en sluit ze goed af. Zet de flessen op een koele donkere plek. Na een week of twee, als je er zolang af kan blijven, is de limoncello op dronk.
Serveer ijskoud uit de vriezer. Als er een terras in de hemel bestaat, dan is dit de huisdrank.